




update: 25 december 2003 |
Hyperventilatie
Vanochtend, precies een
week voor Kerstmis, naar de röntgenafdeling van het ziekenhuis geweest voor
het maken van een echografie van de bovenbuik. Op verzoek van de huisarts
was ik er naar verwezen. Ik had last van lichte pijnklachten en hij kon niet
goed de diagnose stellen. De assistent, die voor de radioloog de opnames
maakte, liet geen informatie los, ook al beweerde ik dat het om informatie
over mijn eigen lichaam ging. De radioloog zou het eerst nog even moeten
bestuderen. Daarmee redde hij zich bij mij.
Al een tijdje had ik last
van wat vage pijnklachten rondom het middenrifgedeelte. Dat er iets met het
hart aan de hand is sluit ik uit omdat ik maar al te goed de symptomen van
een (naderend) hartinfarct ken. Dus je maakt je toch bezorgd. Daarbij
manifesteerde zich ook nog een onophoudelijk gehoest, vooral ’s nachts en
bovendien kon ik weken niet slapen vanwege bovenmatige last van
hyperventilatie. Artsen kunnen meestal een diagnose stellen door de een na
de andere optie uit te sluiten. Zo bleek dat het bloedonderzoek uitwees dat
de nieren goed functioneerden en zich ook andere mogelijke aandoeningen niet
voordeden.
Omdat ik al een
tijdje last heb van hyperventilatie, heb ik daarvoor bij de Cesar- en
ademhalingstherapeute oefeningen geleerd om mijn ademhaling aan te sturen
bij hyperventilatie, dat zich vooral 's nachts aandient. Met de onderbuik
ademen. Maar op een gegeven moment viel er niks meer aan te sturen en gaf
mijn huisarts mij kalmerings- en slaaptabletten. Maar het hielp allemaal
niks. Die middag geprobeerd mijn conditie te testen. Ik wilde een boek kopen
en pakte de fiets om naar de binnenstad te gaan. Ik kwam slechts halverwege.
Bij het rode dorp ben ik afgestapt en heb de fiets tegen een heg gezet en
ben met de bus verder gegaan. Ik moest afstappen en kreeg geen lucht meer.
Boek gekocht en weer terug met de bus naar de plek waar ik de fiets had
achtergelaten. Vandaar met de fiets naar huis gereden. Thuisgekomen kon ik
maar net de garagedeur open en dicht doen en snakte ik al weer naar adem.
Het kon niet meer. Ik ben in een vicieuze cirkel terechtgekomen wardoor ik
het benauwd krijg, daarom sterker ga ademhalen, het dan nog benauwder krijg
en worstel om wat lucht binnen te krijgen. Het lijkt wel een strijd op leven
en dood. Er treedt een vermoeidheid op die niet te beschrijven valt.
Ellen belt direct de huisarts. Hij was met zijn laatste uur van die week
bezig. We konden direct komen. Hij onderzocht me en nog eens, kloppen op
buik en borst. "Mijnheer Janssen, er zit allemaal lucht in, hoor maar", en
hij tikte er lustig op los. "U moet kalmeren en wat rustiger worden. Het is
hyperventilatie en er zit overal lucht". Nou daar konden we het mee doen.
Hij schreef me een nog sterker kalmerings- en slaapmiddel voor. Het werd een
nachtje om niet gauw te vergeten. Al vrij snel begon het gedonder weer om
zuurstof binnen te krijgen. Alle ademhalingstechnieken ten spijt. Die nacht
stond ik om twee uur op, ik dacht dat ik stikte. In mijn pyjama ging ik naar
buiten en hing over de schutting, happend naar lucht. Heb toen Ellen wakker
gemaakt en gezegd dat ik nu echt de pijp uitga.
Jacques Janssen
Copyright 2004 | J.M.J.F.Janssen - Hilversum
|