




update: 18 november 2003 |
Napels zien
Een bekend gezegde luidt: Eerst Napels zien en dan sterven.
Wie heeft dat toch bedacht? Waarschijnlijk de plaatselijke
toeristenorganisatie. Voor mij is het vanaf nu: Eerst Florence zien en dan
sterven. Veertig jaar geleden heb ik vijf jaar kunstgeschiedenis gehad. Dus
ik weet wel wie Michelangelo is, wat voor fresco’s Piero della Francesca
gemaakt heeft en hoe de beroemde aanbidding van Leonardo da Vinci er uit
ziet. Klein was ik, toen ik voor de majestueuze Duomo stond die met het in
geheel wit marmer tegen aan gebouwde Baptisterium eeuwen later nog de
arrogantie van de macht van het Romeinse imperium en de geestelijke
machthebbers van het Vaticaan uitstralen. Dat kunstenaars zich daarvoor
hebben laten lenen begrijp ik als ik weet, dat ook toen voor geld en rijkdom
alles te koop is.
Mijn Maltese vrienden nodigden mij een paar maanden geleden
uit voor de bruiloft van hun dochter. Bij de RAI Uno in Florence had zij een
niet onbemiddelde jongeman, zoon van een Toscaanse landheer, aan de haak
geslagen. Een retourvlucht met zesdaags verblijf geboekt in een hotel aan de
Via Nazionale te Florence. De bruiloft voltrok zich in de Florence
omringende heuvels, waar de ouders van de bruidegom een landhuis hadden,
omgeven door olijfboomgaarden en druiventeeltgronden. Met kruiwagens werden
de wijnflessen, uit eigen huis natuurlijk, aangevoerd. Met kruiwagens, want
waarom zou je op een landhuis een ander vervoermiddel gebruiken, werd ook
het vlees van de barbecue naar de eettafels gebracht. Ik voelde me als een
Romeinse vorst, die liggend op de marmeren rand van zijn zwembad, zich laat
verwennen door de goddelijke signorita’s. En hoe tongstrelend smaakt het
Toscaanse brood, dat in de ogen van de Toscanen de pasta’s ver achter zich
heeft gelaten. Werd ter plekke in eigen huis gemaakt. Dus even de
videocamera er op los gelaten. En dan heb ik het nog niet eens over de
secundo, parmezaan, de bruidstaart, champagne en het verrukkelijke
Italiaanse ijs. Het was voor mij één dag de hemel op aarde. En denk niet dat
je in de stad Florence niet lekker kunt eten. Bij tal van Trattorias en
Pizzerias kom je ogen en smaakpapillen tekort. Lekker eten kun je
bijvoorbeeld bij een van die eetgelegenheden op het Piazza Mercato Centrale
vlak achter de gelijknamige vlees- en vishal. Zit het terras bij Trattoria
Za Za al helemaal vol, ga dan gerust naar een van zijn buren. Welke keuze je
uit de weldadige menukaart ook maakt, het komt altijd goed en het glijdt als
een hemels gerecht naar binnen. Probeer alle gangen, voor het geld hoef je
het niet te laten.
Jacques Janssen
Copyright 2004
| J.M.J.F.Janssen - Hilversum
|