Verblijf op Aarde

Zonneuitbarsting in UV-licht - Hubble

 

 




Klik op afbeelding voor huidige schijngestalte van de Maan










 

 

 

 

 

 

 







 

 




 


Beweeg de muiswijzer hierboven om Jupiter te zien vanaf de sonde  Galileo














 





























 





































































 
 

 

 

 

 

 

 

 

 

Negen planeten draaien hun baantjes om de Zon

Het binnenste gedeelte van het zonnestelsel bestaat uit de Zon, Mercurius, Venus, Aarde en Mars. De buitenplaneten zijn (vanaf de Zon gezien) Jupiter, Saturnus, Uranus, Neptunus en Pluto. De omloopbanen van de planeten zijn vanuit één van de brandpunten van de Zon beschouwd, elliptisch van aard. Met uitzondering van Mercurius en Pluto zijn alle banen nagenoeg cirkelvormig. De banen van de planeten liggen ongeveer allemaal in het zelfde vlak (de ecliptica die bepaald wordt door het baanvlak van de Aarde). Het eclipticavlak wijkt slechts 7 graden af van het vlak van de Zonne-evenaar. De baan van Pluto wijkt het meest af van het eclipticavlak (ongeveer 17 graden). De omloop van de planeten rond de zon is voor allen in dezelfde richting (tegen de wijzers van de klok in als wij er op neer kijken vanaf de noordpool van de zon). De rotatie rond hun as is, met uitzondering van Venus en Uranus, ook in dezelfde richting.

De aarde in beeld
Op 8 mei 2003 werd door de camera van de Mars Global Serveyor vanaf de planeet Mars een aantal spectaculaire opnamen gemaakt van de Aarde. Op de afbeelding hiernaast geheel links de originele opname en rechts ingetekend de omtrek-ken van Noord- en Zuid-Amerika.
Mars, de Aarde en Jupiter stonden toen op dat moment op één lijn, zoals op de afbeelding hier beneden goed te zien is.


 
Mars en de Aarde stonden betrekkelijk dicht bij elkaar. Op de afbeelding geheel rechts is de Aarde als een klein blauw stipje boven in beeld te zien, terwijl beneden in beeld Jupiter zichtbaar is, weliswaar op betrekkelijk grote afstand, maar wel met een omvang die twaalf maal groter is dan de Aarde.
Jupiter is het vierde helderste object aan de hemel (na de Zon, de Maan en Venus; soms kan Mars helderder zijn dan Jupiter).

Jupiter gemaakt door een camera aan boord van ruimtesonde Galileo op 17 september 2003

Jupiter in beweging

Toen Galileo in 1610 vier grote manen rond Jupiter ontdekte : Io, Europa, Ganymedes en Callisto (nu gekend als de Galileïsche manen) was dit de eerste ontdekking van een beweging van hemellichamen rond een ander middelpunt dan de aarde. Het was een belangrijke stap in de richting van de heliocentrische theorie van Copernicus over de beweging van de planeten. Jupiter werd voor het eerst bezocht door Pioneer 10 in 1973 en later volgden nog Pioneer 11, Voyager 1, Voyager 2 en Ulysses. Op dit ogenblik bevindt ruimtesonde Galileo zich in een baan rond Jupiter.
Galileo bestaat uit een sonde die in een omloop rond Jupiter is gebracht en een sonde die afgedaald is in de atmosfeer van de planeet. Deze laatste bezorgde onderzoekers voor het eerst directe informatie over de binnenzijde van de atmosfeer van een reuzenplaneet. Eveneens bezorgde Galileo de Aardmensen voor het eerst gedetailleerde informatie van asteroïden (met name 951 Gaspra en 243 Ida) op zijn weg naar Jupiter. Tevens bevond Galileo zich in een ideale positie om de Aarde informatie toe te sturen over de unieke inslag op Jupiter van de komeet Shoemaker-Levy .



















De binnenplaneet Venus is de tweede vanaf de Zon en zesde in grootte

Venus is heel anders dan de Aarde
Venus werd voor de eerste maal bezocht door Mariner 2 in 1962. Venus wordt soms beschouwd als de zusterplaneet van de aarde. In een aantal gevallen lijken ze erg op elkaar:
-   Venus is maar iets kleiner dan de aarde (95% van de diameter van de aarde,
    80% van de massa van de aarde).
-   Beiden hebben maar een paar kraters wat er op duidt dat ze een jong
    oppervlak hebben.
-   Hun dichtheid en hun chemische samenstelling zijn hetzelfde.
Wegens deze overeenkomsten, dacht men vroeger dat onder het dikke wolkendek van Venus een Aards landschap schuil ging en dat er misschien zelfs leven was. Maar helaas, meer gedetailleerde studies wezen er op dat Venus heel verschillend is van de Aarde.























Venus Magellan animatie

De druk van de atmosfeer van Venus op het oppervlak is 90 atmosferen (ongeveer hetzelfde als de druk op 1 km diepte in de aardse oceanen). De atmosfeer is voornamelijk samengesteld uit koolstofdioxide. Er zijn verschil-lende lagen van wolken, kilometers dik, samengesteld uit zwavelzuur. Deze wolken belemmeren volledig het zicht op het oppervlak. De dichte atmosfeer produceert een broeikaseffect dat de oppervlaktetemperatuur doet stijgen tot 490° C (heet genoeg om lood te doen smelten).

Saturnus met het blote oog




Saturnus is duidelijk zichtbaar met het blote oog en is dan ook reeds bekend sedert de oudheid. Galileo was in 1610 de eerste die Saturnus observeerde door een telescoop. Galileo merkte de eigenaardige verschijnselen rond Saturnus op maar raakte er door in verwarring: de oorzaken waren de beperkte waarnemingsmogelijkheden van destijds en de drastische wijzigingen van de beelden van de ringen van Saturnus tijdens de omloop rond de zon. Het was Christiaan Huygens die in 1695 een correcte interpretatie gaf van het verschijn-sel rond Saturnus dat wij nu kennen als de ringen. Lange tijd dacht men dat Saturnus het enige hemellichaam met ringen was. In 1977 werden een paar dunne ringen rond Uranus ontdekt en een paar jaar later ontdekte men er ook rond Jupiter en Neptunus.
Saturnus werd voor de eerste keer bezocht door Pioneer 11 in 1979 en later volgden ook nog Voyager 1 en Voyager 2.

Saturnus op de kiek gezet door de Voyager 2




Reeds door een kleine telescoop is Saturnus te zien als een afgevlakte schijf. Door zijn snelle rotatie en zijn gasvormige toestand is Saturnus enigszins (10%) afgevlakt.
Saturnus is de planeet met het laagste soortelijk gewicht ; de planeet weegt zelfs lichter dan water (Saturnus zou blijven drijven op de oceanen van de Aarde).
Zoals Jupiter, bestaat Saturnus uit ongeveer 75% waterstof en 25% helium met sporen van water, methaan, ammoniak en "gesteenten", net zoals de samen-stelling van de primaire Zonnenevel waaruit het zonnestelsel is gevormd.


De blauwe planeet Uranus
Uranus, de eerste ontdekte planeet in moderne tijden, werd per toeval ontdekt door William Herschel op 13 maart 1781. Aanvankelijk dacht hij, dat hij een komeet ontdekt had. Uranus werd vroeger reeds ver-schillende keren eerder waarge-nomen, maar men meende dat het om een simpele ster ging. Herschel noemde de planeet "Georgium Sidus", naar de toenmalige Engelse koning George III. De naam "Uranus" werd voorgesteld door Bode in overeenstemming met de andere planeten die genoemd werden naar figuren uit de klassieke mythologie. Uiteindelijk werd in 1850 de naam "Uranus" algemeen aanvaard. Uranus werd tot op heden enkel bezocht door Voyager 2 op 24 januari 1986.

Pluto is de laatste halte in het zonnestelsel
Pluto is de planeet die het laatst ontdekt werd en wel op
18 februari 1930 door de astronoom Clyde Tombaugh tijdens het vergelijken van fotografische platen op het Lowell Observatory in Arizona. Tombaugh was op zoek naar een onbekende Planeet X in een baan buiten Neptunus, welke was voorspeld door Percival Lowell. De naam Pluto is niet geheel willekeurig gekozen, hij verwijst ook naar de initialen van Percival Lowell; de astronoom die lange tijd heeft gezocht naar Pluto, maar dit hemellichaam nooit heeft kunnen ontdekken. In de Romeinse mythologie betekent Pluto 'God van de onderwereld.'
Pluto, die met zijn 2.320 km diameter, het verst van de Zon staat (5.915.000.000 km tegenover 150.000.00 km van die van de Aarde), heeft met Neptunus de koudste temperatuur; -230ºC.


En dan blijkt er plotseling een tiende planeet te bestaan
Op 15 maart 2004 kondigen astronomen van Caltech, Gemini Observatorium en de Yale University de ontdekking aan van het koudste en meest veraf gelegen object dat een baan om de zon draait.



























Sedna (2003 VB12). De Zon is een klein puntje rechts in beeld maar in werke-lijkheid 8 biljoen mijlen van de rode plane-toïde verwij-derd.

Het hemellichaam werd ontdekt op een afstand die 90 maal groter is dan de afstand van de Aarde tot de Zon en drie keer verder dan Pluto, de meest verafgelegen planeet in het zonnestelsel. Officieel heeft dit nieuwe hemel-lichaam de naam 2003 VB12 gekregen, gebaseerd op de dag van zijn ontdekking (14 november 2003).



























Sedna is het meest verre object in het zonnestelsel ooit ontdekt. Zeker zo interessant is dat de baan van Sedna extreem elliptisch is, zulks in contrast met de andere planeten. Sedna doet er 10.500 jaar over om een baan om de Zon te maken. De baan van Sedna reikt tot in de verste hoek van het zonnestelsel. De vier illustraties vanaf linksboven en dan tegen de klok in laten de positie van Sedna zien. De eerste illustratie laat de banen van de binnenplaneten zien, inclusief die van de Aarde, en de asteroïde-hoop die tussen Mars en Jupiter ligt. In de tweede illustratie (linksbeneden) is het binnenste gedeelte van de van Oort Wolk te zien, inclusief het hele bestaande planetensysteem. In de volgende illustratie (rechtsbeneden) is Sedna te zien buiten de banen van de buitenplaneten en de nog verder afgelegen Kuiper gordel. In de vierde illustratie (rechtsboven) is de huidige positie van Sedna ingetekend in vergelijking met de rest van het Zonnestelsel. Sedna is nu bijna het dichtst bij de Zon om vervolgens 10.500 jaar uit het zicht te raken, vanwege die langgerekte elliptische baan. De meeste astronomen erkennen Sedna niet als een planeet.

(Naar boven)






Klik op afbeelding voor actuele posities van de planeten



 



Mars gefotografeerd door Hubble HTS op 26 juni 2001. Het was de eerste meest gedetail-leerde foto tot op dat moment ooit van Mars gemaakt.






Aarde (boven) en Jupiter gezien vanaf Mars op 8 mei 2003. Op-name gemaakt met een camera aan boord van de Mars Global Surveyor.














Jupiters' maan Ganymedes.
De grootste satelliet in het zonnestelsel. De satelliet is groter dan Mercurius maar heeft slechts de helft van de massa. Ganymedes is een heel stuk groter dan Pluto. Het oppervlak van Ganymedes is een menge-ling van twee soorten terrein: heel oude, sterk bekraterde donkere regio's en wat jongere heldere regio's die vooral bestaan uit groeven en rillen.























Venus. De planeet kent verschil-lende schijngestaltes. De baan van Venus is de meest cirkel-vormige van alle planeten, met een excentriciteit van minder dan 1%. Er zijn hevige winden (350 kilometer per uur) aan de wolkentoppen, maar aan het oppervlak is de wind heel zacht, niet meer dan een paar kilo-meter per uur.
Waarschijnlijk was er ooit op Venus een enorme hoeveelheid water net zoals op aarde, maar alle water is verdampt. Nu is Venus heel droog.
Venus roteert op een ongewone manier rond haar as. De rotatie is heel traag (niet alleen duurt een 'dag' op Venus langer dan een ‘Venusjaar', de planeet roteert ook in tegengestelde richting aan alle andere planeten) en is bovendien retrogarde. Daarbij is de periode van de rotatie van Venus en de omloop rond de zon zo gesynchroniseerd dat Venus altijd dezelfde zijde naar de aarde richt wanneer de pla-neten het dichtst bij elkaar staan.

 











Mercurius is een binnenplaneet die het dichtst bij de zon staat, maar toch nog op een afstand van 0,38 AE.
Mercurius werd tot nog toe door slechts één ruimtevaartuig be-zocht : de Mariner 10. Deze vloog in de periode 1973 en 1974 driemaal langs de planeet. Slechts 45% van het oppervlak werd in kaart gebracht.
Mercurius omloop is heel excentrisch; in het perihelium is de planeet slechts 46 miljoen km van de zon verwijderd maar in het aphelium bedraagt de afstand 70 miljoen km. Het perihelium van de baan beweegt heel langzaam rond de zon. Men noemt dit precessie.
Nu weten wij dat Mercurius driemaal rond haar as draait in exact dezelfde tijd dat ze twee keer rond de zon draait. Dit feit en de hoge excentriciteit van de baan van Mercurius veroorzaakt een heel speciaal effect voor een waarnemer die zich op Mercurius zou bevinden. Op sommige plaatsen zou een waarnemer de zon zien verschijnen aan de horizon en ze zien groter worden terwijl ze zich aan de hemel omhoog beweegt. Wanneer de zon op haar hoogste staat zou ze even niet meer bewegen en dan plots in de tegenovergestelde richting verder gaan. Dan zou ze opnieuw even stoppen om vervolgens terug van richting te veranderen en terwijl ze naar de horizon toe daalt zou ze kleiner worden. Gedurende deze perio-de zouden de sterren driemaal rond de planeet zijn gedraaid. Waarnemers op andere plaatsen zouden andere maar even bizarre verschijnselen zien.




















Uranus draaiend om zijn as. De blauwe kleur van Uranus is het gevolg van de absorptie van het rode licht door methaan in de bovenste atmosfeer. Wellicht zijn er net zoals op Jupiter wolkenbanden in verschillende kleuren maar ze zijn niet zichtbaar door het bovenliggende methaan.


















 
Pluto, de negende planeet.
Maar op 23 augustus kwam er een onverbiddellijk einde aan deze status. Dat lot trof ook de zogenaamde tiende planeet Sedna.
Klik op Pluto voor meer informatie hierover.

























































Palomar observatorium in San Diego. Met deze telescoop hebben Mike Brown, Chad Trujillo en David Rabinowitz op 14 november 2003 het nieuwe hemellichaam Sedna ontdekt. Sedna heeft een diameter van 1.800 km en stond ten tijde van de ontdekking op een afstand van 13 miliard km. Vrijwel zeker behoort Sedna tot de Oortwolk, hetgeen is af te leiden uit de langgerekte elliptische baan die hij rondom de Zon maakt. Als hij het verst van de Zon verwijderd is bedraagt de afstand 900 astronomische eenheden.






 

© Copyright 2004 - 2006  J.M.J.F.Janssen - Hilversum