Verblijf op Aarde

Babypicture van het heelal
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Het eindig heelal van Olbers

De Duitse astronoom Heinrich Olbers (1758-1840), meent dat het heelal eindig is. Hij veronderstelde dat het, als de dichtbij gelegen delen van het heelal een kenmerkend voorbeeld waren, steeds maar weer herhaald in veraf gelegen delen, onmogelijk was dat het heelal oneindig groot zou zijn. Dan zou het heelal een oneindig groot aantal sterren en melkwegstelsels bevatten. Elke ster straalt licht uit en het doet er niet toe hoe ver de ster van ons verwijderd is: een beetje van het licht bereikt de Aarde.

Als de Aarde licht ontvangt uit alle richtingen, van een oneindig aantal sterren, dan zou de nachthemel verblindend helder schijnen. In elke richting zou er een ster moeten staan. De hemel zou een ononderbroken lichtbron lijken. Toch is de nachthemel bepaald donker en dus, volgens Obers, zou er geen oneindig aantal sterren zijn en zou het heelal begrensd moeten zijn.
Het grootste gebrek in dit bewijs kwam met de ontdekking, dat alle verafgelegen melkwegstelsels zich van onze eigen Melkweg verwijderen. Dit feit wordt aangetoond door de rood-verschuiving in hun spectra. Hoe verder ze weg staan, des te groter is hun snelheid waarmee ze zich verwijderen. Enkele waargenomen stelsels verwijderen zich met de helft van de lichtsnelheid. Dat is 150.000 km/sec. Het lijkt waarschijnlijk, dat er melkwegstelsels zijn die zich verplaatsen met ongeveer de snelheid van het licht. Astronomen op Aarde zullen nooit in staat zijn, deze melkwegstelsels te ontdekken, want hun licht zal de Aarde nooit kunnen bereiken.

(Naar boven)


 

 

 

 

 

 




Obers verdeelde het heelal in een serie dunne concentrische schillen, die de Aarde omringen. De verlichting van de Aarde neemt af met het kwadraat van de afstand. Maar de verlichting hangt ook af van het aantal sterren in de schil: het neemt toe met het kwadraat van de afstand. Met andere woorden: De verlichting hangt helemaal niet af van de afstand, maar is constant. Dus elke schil levert een zeker, constante bijdrage aan verlichting. Een oneindig aantal schillen zou een oneindige hoeveelheid verlichting moeten geven.

© Copyright 2004 - 2006  J.M.J.F. Janssen - Hilversum